De Lektocht, zoals de wedstrijd ook wordt aangeduid, is een ‘must’ voor iedere openwaterzwemmer en toppers nemen de race graag op in hun programma. Tenzij je, zoals regerend wereldkampioen 25 kilometer Linsy Heister (ze won de Lektocht in 2006 en 2007), in Shanghai bent voor de WK. “Dit is het derde achtereenvolgende jaar dat ik er niet bij kan zijn,” zegt ze een maand voor de 15e Lektocht. “Ik heb er nu vrede mee, maar de eerste twee keren heb ik er echt van gebaald dat uitgerekend die tweede zondag in juli bezet was. Want de Lektocht is super.” Maarten van der Weijden, in 2008 Olympisch kampioen 10 kilometer, zwom eerder vijf Lektochten en won er drie. In zijn beginjaren wilde hij van een buitenlands trainingskamp naar Culemborg reizen, alleen om de destijds ongekend grote hoofdprijs van duizend gulden weer te incasseren. “De trainer verbood het me en zei: wat denk je dat dit trainingskamp kost? Zo had ik het nog niet bekeken.” Edith van Dijk, de onbetwiste koningin van het open water, was vanaf 1997 bij zes van haar zeven deelnames de rapste en besloot in de Lek nog één keer alles te geven om zo aan de Olympische Spelen van Beijing te kunnen meedoen.
 

Dat alles speelde zich af in de periode 1996-2010. Maar een halve eeuw eerder wist de zwemtop de weg naar de Lek te vinden, zeker toen de wedstrijd vanaf 1959 onder KNZB-vlag werd gehouden. Jans Koster, wereldrecordhouder 1500 meter binnenbad, was er als de kippen bij en won zowel in 1959 als 1960. De getalenteerde Judith de Nijs nam de fakkel over en schreef de drie jaargangen erna op haar naam waarna ze zich op een internationaal marathonavontuur stortte en wedstrijden in Zuid-Amerika en Canada ging zwemmen.

 

De Lek is totaal onvoorspelbaar en dat maakt de wedstrijd zo interessant. Uitgezonderd het traject – zes kilometer tussen de start vanaf de Beusichemse veerpont en de finish in de jachthaven van Culemborg - staat  er zelden iets van te voren vast. Wel of geen stroming, 18 of 24 graden, windstil of storm tegen,deelnemers moeten overal rekening mee houden. En dan is er natuurlijk ook de vorm van de dag, van jezelf en je concurrenten, en de feeling met het parkoers. Ex-topzwemmer Hans van Goor, winnaar in 1996 en eenmalig deelnemer, geeft het treffend weer: “Ik heb in Nederland meer dan honderd wedstrijden gezwommen en beschouw die tocht in de Lek, die ik nadien vele malen heb bezocht als coach, inmiddels als de mooiste. Het is een avontuur, altijd weer, en zo moet je hem als zwemmer dan ook benaderen. Je moet hem onder knie krijgen en leren anticiperen op die steeds veranderende omstandigheden.”


Die kennis was er niet op 14 augustus 1949, toen de zwemwedstrijd voor het eerst werd gehouden. Het was een initiatief van de sportvereniging van meubelfabriek Gispen die zijn leden jaarlijks op een sportweek trakteerde. Volgens een verslag in personeelsblad De Fabrieksfluit droeg ‘een stralende zon’ bij aan een geweldige stemming onder de zestig deelnemers – veel meer dan de 25 waarop was gerekend. Jan de Jongh uit Bussum, een neef van de toenmalige apotheker op de Culemborgse Markt, won die oereditie in een tijd 1.12.39 en daarmee de wisselschaal die Gispen ter beschikking had gesteld. Die schaal is inmiddels al weer 52 jaar in bezit van Culemborger Hans Pompe, een van de vele regionale zwemmers die in actie kwamen en zich al dan niet in de prijzen zwommen. Met enkele onderbrekingen (1950 t/m 1952 en 1954) werd de wedstrijd tot 1970 achttien keer gehouden, op het laatst met 450 deelnemers. De negentiende editie stond in 1971 nog wel aangekondigd, maar ging niet door omdat het rivierwater ernstig was vervuild door de lozingen van de industrie. Pas een kwart eeuw later waren de waarden weer zodanig, dat het verantwoord was om in de Lek te zwemmen.

 

Geschiedenis van de Lektocht in boek ‘Zes onvoorspelbare kilometers’

 

In 1996 stond na een ‘pauze’ van 26 jaar de zwemwedstrijd Beusichem-Culemborg weer op de kalender. Freelance journalist en auteur Bram van Schaik was er bij en sloeg sindsdien bijna geen editie over van de enige Nederlandse rivierwedstrijd, die zijn oorsprong vindt in 1949.

In 2010, in aanloop naar de vijftiende editie, vatte de journalist het plan op de historie van de zwemklassieker in een boek vast te leggen. Het kreeg als titel ‘Zes onvoorspelbare kilometers’ en werd op 10 juli 2011 ten doop gehouden.

 

Zes onvoorspelbare kilometers (ISBN 978-90-809924-0-5)  is verkrijgbaar bij boekhandel Tomey en Verstegen aan de Markt in Culemborg.